Drie jaar geleden was ik op het moment van vertrek van vandaag al ergens tussen mijn tweede en derde klim bezig. Zo kwamen er de hele dag wel meer herinneringen aan Alpe d’HuZes 2011 boven. We vertrokken van dezelfde camping, reden het dal door naar Bourg om aan de voet van de Alpe uit te komen. De Haagse waaier met Ferry, Eddy, Pieter en ik werd vandaag aangevuld met Michel, Erik, Gerard, Douwe en Hans. Het heavy stuff verdween onmiddellijk uit ons zicht, wij verspreidden ons in de eerste bochten over de Alpe.

Mijn snelste tijd in 2011 was 1.54. Ik was benieuwd waar ik nu toe in staat ben en dat had ik niet moeten zijn. Neem bijvoorbeeld Michel. Die wordt gelost voor de eerste bocht en komt glimlachend als laatste boven. Die kerel is pas sterk! Ik voelde me goed en draaide een lekker tempo. Ik wist dat je uit moest kijken voor de eerste bochten om je niet kapot te rijden. Ik was vergeten hoe zwaar het was, mijn al oplopende hartslag negerend. Intussen liepen Douwe en Gerard al wat uit, maar ik hield ze nog in het vizier. Achter mij was het stil. Voor mij bood de Alpe een bekende aanblik met alle Alpe d’HuZes-verschijnselen. Veel fietsers waarvan niet iedereen de uitstraling van ervaring had, spandoeken met reclame en herinneringen aan mensen die er niet meer zijn of steun aan hen voor wie het afwachten is of ze de kanker overleven. En zelfs nu al publiek dat je aanmoedigt. In bocht 16, bij La Garde, stond een oud-collega, van wie ik de naam niet eens meer kende, maar die mij drie beklimmingen aanmoedigde. Bij de vierde stond ze er niet meer en vandaag ook niet. De rug kwam langzaam maar zeker op spanning en dat is niet fijn. De zon die volop schijnt, brengt enige troost. Maar het lang-zal-hij-leven dat voor mij bij het ontbijt had geklonken, begon op mij in toenemende mate een onwaarschijnlijke indruk te maken.
Bij Huez stonden mijn vrouw, broer en zus op mij te wachten. Erik en Eddy komen nu ineens langszij. “Wat een takkeberg,” zeg ik. Zo, dat moest er even uit. Ik doe geen poging om aan te klampen en tel vol verlangen de bochten af. De bomen blijven nu achter, de weide strekt zich uit en Alpe d’Huez kan ik nu zien liggen. Er zal een einde komen aan deze helling. Hoop ik.

Boven wachten de twee E’s op me en samen rijden we naar het einde. Douwe is er al en staat breed glimlachend op ons te wachten, Gerard blijkt Jan Willem te zijn tegengekomen en heeft de officiële finish van de Tour gepasseerd. Een minuutje later zijn Hans en Pieter boven, niet veel later gevolgd door Ferry en Michel. We zijn boven en zoeken een terras op. Het plan om col de Sarenne erachteraan te doen laten we schieten. Het is mooi geweest, alleen Hans daalt gelijk af vanwege koude handen en rijdt zelf nog een rondje vanuit het warme dal. Wij doen een terras in Bourg, Douwe pakt nog wat kilometers richting Croix de Fer met JW.

En dan wacht zaterdag de Mont Ventoux. Ze zeggen dat die erger is dan de Alpe. Ik zal een andere strategie moeten verzinnen dan bezig zijn met tijd of hartslag. Het beste lijkt mij om Michel als voorbeeld te nemen: keep smiling.
Ronald

Gepubliceerd op: 13 oktober 2018 om 18:51 uur.
Reactie achterlaten

Bericht plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.