Van Wim kreeg ik dit stokje. Het stokje dat Renner in beeld heet en waarbij telkens een ander Trapstellid zichzelf in beeld brengt. Zichzelf als Renner, of in mijn geval; Renster.

Het is niet voor niets dat er weinig stukjes van mijn kant op het gastenboek te vinden zijn. Ik ben niet zo schrijverig. Zo, feitje 1 van Renster Nienke in beeld!

Terugkijkend wel bijzonder, want vroeger schreef ik heel graag. Leren lezen en schrijven wilde ik zo graag dat ik, moeders bedankt, dit al kon voordat ik naar groep 3 ging. En zo zal deze ‘ Renner in Beeld’  zal niet zozeer gaan over mijn fietsgeschiedenis, maar jullie tevens een stukje beeld geven over de Renster naast de fiets. Gelijk maar door naar feitje 2: mijn naam schrijf je dus met IE. De verwarring daaromtrent is geheel mijn verantwoordelijkheid en voor hen die het met y blijven schrijven: ik ben zeer vergevingsgezind.

Van mijn kant weinig imposante verhalen over romantische fietsvakanties of onvergetelijke overwinningen. Mijn eerste herinnering op de fiets wil ik echter wel kwijt. Ik was drie jaar oud, groot, zwaar en nogal leergierig. Merk fiets: onbekend, evenals kleur en framenummer. Ik zat op m’n fietsje en Geert Jan gaf me een zetje. Het enige wat ik mij verder herinner is paniek. Want dat je moest trappen was uitgelegd, maar remmen? Met een mooie bocht eindigde ik in het hek van de buren. Ben wel benieuwd naar het waarheidsgehalte van deze herinnering, maar goed, ik was 10 keer zo jong als nu. Het tellen van de feitjes laat ik vanaf nu aan de lezer over.

Ik kom niet uit een bijzonder sportief gezin. Dat wil zeggen dat ik niet direct opgevoed ben met sport als groot of belangrijk onderdeel van de week. Ik ben opgegroeid een dorp (Ja Berend, een Drents dorp) met een zeer geringe hoeveelheid aan voorzieningen en ouders die het passend bij de ontwikkeling vonden dat hun kinderen groot en sterk genoeg waren om zich zelfstandig te verplaatsen. En om geen meelij te wekken, volgens mij heeft geen van ons dit ooit als problematische ervaren. Dus fietsten wij heel wat af. Want school, scouting, zwembad en vrienden bevonden zich toch als snel drie tot vier kilometer verderop. Daarnaast heeft de familie Hoekstra een flink aantal jaren kranten bezorgd, jawel op de fiets! En daar ligt de basis van een zeer degelijk onderstel. Mag ik dat zeggen? Ja dat mag ik zeggen!

IMG_6422

Sporten omdat het zo leuk is heb ik eigenlijk nooit gedaan. Sporten omdat het gezellig is wel, maar dat is niet prestatiegericht. Als klein meisje was ik ontzettend prestatiegericht met betrekking tot schoolse vaardigheden. Nu kon ik dat ook vrij goed, of er echt sprake was van strijd betwijfel ik. Maar presteren op sportief gebied heb ik denk ik nooit leuk (lees: verschrikkelijk) gevonden. Ergens halverwege de basisschool heb ik nog een tijdje bij de plaatselijke zwemclub gezeten. Volgens mij ben ik daar mee gestopt op het moment dat we wedstrijdjes gingen zwemmen. Buikpijn, spanning, zenuwen, ruim van te voren tot ver na het moment dat ik weer uit het water was en het volgende weekend weer in aantocht was. Dat moest maar niet. Scouting. Padvinders strijden niet, tenminste, niet de padvinders in Borger. Van mijn tiende tot ongeveer tweeëntwintigste vulde ik de zaterdagen met scouting. Eerst als jeugdlid, daarna jarenlang als leiding. En op de woensdagavonden klimmen bij Ama Dablam, de klimvereniging in Borger, bij Dunedain, het outdoor activiteitencentrum waar ik een bijbaantje had. Klimmen is echt een hele toffe sport, waar je veel kracht en souplesse voor nodig hebt. Dit ging best aardig, maar wederom: het was met name een zeer gezellige bezigheid. Toen ik in Groningen ging studeren ben ik met het klimmen gestopt. Klimmen in Bjoeks (klimhal Groningen) was op dat moment te duur. Op en neer naar Borger trok niet meer echt. Wat ook mee speelde is dat het bij klimmen echt fijn is als je een klimmaatje hebt, en die ontbrak. In mijn studententijd ben ik verschillende blauwe maandagen gestart met de goedkoopste sport voor studenten: hardlopen. Iets in mij vond het toch wel gezond om te bewegen maar meer omdat dat ‘hoort’  dan dat er vanuit mijn lijf een roep tot bewegen was. Veel dinsdagen gaf ik dit geren alweer op. Rennen is niets voor mij. Er is eenmaal een periode geweest dat ik met de vriendelijke Belgische ‘Evy’ in mijn oren, voor een wat langere periode heb hard gelopen. Via Geert Jan kon ik aan een kaart voor de 4Mijl komen. En hoewel dit geen wedstrijd was, ik niets hoefde te bewijzen aan niemand, was ik ook hier weer bloedje nerveus. Waar dat ook vandaan komt? Maar wel met redelijke tevredenheid uitgelopen. Daarna heb ik mijn dure schoenen geloof ik nog eenmaal aangetrokken.

Ergens in mijn studententijd heb ik eens met Geert Jan en een collega van hem met zoon Harmen (ook nog Trapstellid?) in Tecklenburg gefietst. Geert Jan fietste al jaren, maar dat trok mij toen helemaal niet. Dat was iets voor mannen met buiken (sorry, zo keek ik er toen tegen aan he!). Wel leek het mij leuk om de heuvels in te gaan. We huurden een racefietsje bij Egberts en gingen op een zaterdag of zondag richting Oosten. Hoewel ik het heel leuk vond, vond ik het geloof ik ook erg zwaar. Pas jaren later, bleken een aantal vrienden om ons heen een racefiets te hebben en kocht ik een mooi tweedehands fietsje bij Egberts. Berend had via marktplaats ook een mooie stalen ros aangeschaft. En al vrij vlot werden we, uiteraard via Geert Jan, lid van het Trapstel. Je voelt het misschien wel aankomen, maar tsja, ik vond dat nogal wat. Want stel je voor, je houdt het niet bij? Het eerste jaar dat ik lid was heb ik ook niet veel mee gefietst en fietste ik meer met de vriendjes. Wat mogelijk ook wel een klein beetje mee speelde is dat ik de enige was zonder piemel en samen met Berend verreweg de jongste. Geleidelijk aan fietste ik wel steeds meer mee, en het echte plezier in fietsen groeide langzaam maar gestaag. Hoogtepunten op de fiets zijn zonder enige twijfel de eerste keer Amstel Gold Race (uiteraard met passende hoeveelheid zenuwen) en afgelopen jaar de Marmotte. Toen we ergens in november 2011 bedachten om in juni 2012 dit te gaan doen, was de conclusie snel getrokken dat ik hiervoor wellicht wat zou mogen trainen. De tour win je misschien in bed, maar ik voorzag dat dit toch onvoldoende zou zijn. En dus ben ik eigenlijk vorig jaar gestart met het maken van veel kilometers. Voor mijn doen dan. Die week in Frankrijk zal ik nooit meer vergeten. De eerste top (GJ?) die we op de avond van aankomst fietsten vond ik spannend, de rest van de week heb ik enkel genoten. Volgens mij heb ik die hele week enkel lachend op de fiets gezeten. Briljant, hoe mooi, zwaar en lekker dat was! En nog nooit zo trots op mijzelf geweest dat ik de tocht uiteindelijk heb volbracht.

IMG_6466

Goed, in de loop der jaren is er dan toch een en ander veranderd in het beeld. Ik ben niet meer zo groot en dik als toen ik vrij klein was. Het ijverige is er eigenlijk ook wel een beetje af, evenals een deel van de zenuwen. En anno 2013 mag ik denk ik ook wel verkondigen dat ik sportief ben geworden. Ik sport omdat ik het leuk vind. Ik sport omdat ik het gezellig vind. En het is zo lekker. Maar ik ben en blijf een competitie-schijterd. Dat ik vorig jaar de snert-bokaal heb gewonnen was niet mijn plan en lag dan ook totaal niet in de lijn der verwachting. Toegegeven, ik vond het wel heel erg leuk, maar dat is wel te zien op die e-nor-me grijns op een van de foto’s die ik net terug zag in een stuk voor de ALV.

Als ik het goed begrepen heb staat 2013 voor het Trapstel in het teken van Verlichting. De zon zal gaan schijnen voor Trapstel Light en dat is mooi. Toen ik  lid werd van het Trapstel was er nog geen onderscheid in Heavy en Light.

IMG_6190

Ik was doodsbang dat ik het niet bij kon houden, dat men op mij moest wachten, dat het helemaal niets zou worden. Heus niet. Het Trapstel wacht, het Trapstel is sociaal, het Trapstel is warm. Inmiddels kan ik af en toe met Heavy mee, hoewel Medium mij ook goed staat. Fietsen is trappen en kilometers maken. Fietsen is buiten zijn, bewegen en je longen vullen met frisse lucht. Fietsen voor mij is eigenlijk altijd samen, is soms afzien, maar achteraf altijd lekker.

Wim, bedankt voor het stokje, het was toch best een leuke ervaring.  Al schrijvende heb ik ook nog wat over mezelf geleerd. Waar ik mijzelf niet snel associeer met angsten, moet ik nu toch toegeven dat ik met fietsen aardig wat onzekerheden en angsten heb overwonnen. Winnen van mezelf, feitje nummer zoveel, vind ik wel leuk! De rest doe ik liever samen.

Gepubliceerd op: 12 oktober 2018 om 16:30 uur.
Reactie achterlaten

Bericht plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.